Jérémy
(c) Bryapro

Van geboorte Brusselaar, groeide Jérémy op in de hoofdstad en woonde een tijdlang elders voordat hij terugkeerde. Zijn parcours kende heel wat wendingen: hij werkte in de horeca, in de verkoop en in de handel van maatmeubels, totdat hij als zelfstandige begon met het opkopen van oude meubels, die hij restaureerde met natuurlijke, oplosmiddelvrije producten. Maar het leven besliste anders. Een ongeluk in huis dwong hem te stoppen met werken, waardoor hij arbeidsongeschikt werd. Daarna volgden jaren van administratieve procedures, een gevecht voor zijn rechten en een geleidelijk besef van zijn nieuwe situatie. “Pas in 2020 heb ik echt mijn handicap begrepen,” vertelt hij.

Tegenwoordig woont de veertiger in Anderlecht, in een appartement dat hij huurt van een vriend, met een kleine tuin waarin hij graag wat planten verzorgt wanneer het weer het toelaat. “Ik had geluk dat ik deze plek vond, na een lange zoektocht naar een eigen stek.” Samenwerking en wederzijdse hulp? Dat zit een beetje in zijn aard en hij koestert die waarden al sinds hij als kind deelnam aan jeugdbewegingen. “Bij mijn moeder, die in een sociale woning woont, delen we gereedschap met de buren. Hier doe ik hetzelfde. Een boormachine gebruik je maar een paar minuten in je leven, dus waarom zou je die niet uitlenen?” Hij kent al zijn buren: van het koppel met een kind tot de oudere dame. Voor hem is solidariteit in de buurt geen abstract idee, maar iets dat dagelijkse realiteit moet worden.

Toen hij de uitnodiging kreeg om deel te nemen aan de Brusselse Burgerraad voor het Klimaat, was hij eerst verrast. “Ik heb de envelop bewaard omdat ik ze goed gemaakt vond. En toen dacht ik: dit is mijn kans om mijn stem te laten horen en actief deel te nemen in plaats van alleen te kijken.” Optimistisch en geëngageerd ontdekte hij er een ruimte waar mensen graag ideeën uitwisselen. Hij verwacht niet veel van het proces en laat zich met enthousiasme meevoeren door de debatten, omdat hij er sowieso iets goeds van verwacht.

Onder de thema’s die hem het meest raken, duikt het woonvraagstuk vaak op. Hij heeft zelf ervaren wat de valkuilen zijn van gedwongen samenwonen en het verlies van de status als alleenstaande in België zodra je een huis deelt. “Vaak wonen we samen uit noodzaak, maar we worden er ook nog eens fiscaal voor gestraft. Dat is niet normaal.” Hij pleit voor toegankelijke en pragmatische oplossingen, geïnspireerd op zijn eigen ervaringen. “We vragen geen onmogelijke dingen, alleen maatregelen die rekening houden met de realiteit van mensen.”

Maar los van politieke en maatschappelijke kwesties, geniet hij het meest van het menselijke aspect van deze ervaring. “Ik hou van ontmoetingen, gesprekken, wat er gebeurt rond een kop koffie. Dat is wat dingen in beweging zet.” Na de tweede sessie deelde hij zijn indrukken met vrienden. “Soms is het moeilijk uit te leggen wat we precies deden, zo veel dat er gebeurt. Maar ik voel dat het me iets oplevert.”

Voor hem is de Burgerraad als een verademing. Een manier om zijn plek in te nemen, zijn blik op de wereld te delen en te dromen van een solidaire toekomst. “Ik heb vertrouwen. Wat we hier doen, is zinvol. En als we er anderen mee kunnen inspireren, dan is het geslaagd.”